FAQ

1. Wat is een grenswaarde?

Een grenswaarde is de concentratie van een stof in de lucht op de werkplek waar een werknemer gedurende een 8-urige werkdag maximaal aan mag worden blootgesteld. Uitgangspunt daarbij is dat de gezondheid van de werknemer bij een blootstelling onder dat niveau niet wordt geschaad. Voor sommige stoffen is tevens een grenswaarde vastgesteld voor een kortdurende hoge piekblootstelling voor een tijdsperiode van 15 minuten.

2. Wie bepaalt een grenswaarde voor een kankerverwekkende stof?

Omdat er voor kankerverwekkende stoffen feitelijk geen veilige grens bestaat (zelfs het kleinste beetje kan al kanker veroorzaken) bepaalt de Gezondheidsraad voor deze stoffen, op basis van gezondheidskundig onderzoek, een verbodswaarde en een streefwaarde.

De streefwaarde is de laagste waarde: bij blootstelling aan deze waarde loopt maximaal één van elke miljoen werknemers per jaar de kans om kanker te krijgen. De verbodswaarde ligt hoger: daar is de kans op kanker één op de tienduizend blootgestelden per jaar. Het streven is om de grenswaarde op, of zo dicht mogelijk bij de streefwaarde vast te stellen.

3. Wat zijn er voor grenswaarden voor kankerverwekkende stoffen?

Er zijn twee soorten grenswaarden voor kankerverwekkende stoffen:

1. Grenswaarde voor de stof op de werkplek. Dit is de wettelijke grenswaarde die in Nederland wordt vastgesteld door de minister van Sociale Zaken. In Europa wordt die waarde ook wel Occupational Exposure Limit (OEL) genoemd. De manier waarop de grenswaarde wordt vastgesteld is betrouwbaar en duidelijk, maar het vaststellingsproces duurt vaak lang. Als er geen wettelijke grenswaarde voor een stof is vastgesteld, is de werkgever verplicht om een eigen bedrijfsgrenswaarde vast te stellen.

2. DMEL (Derived Minimal Effect Level). De DMEL wordt bepaald door de industrie volgens een vastgestelde methodiek. De gebruikte data waarmee de DMEL wordt vastgesteld zijn niet openbaar. Er is dus niet na te gaan op welke aannames de limiet is gebaseerd. De DMEL mag alleen als blootstellingslimiet worden gebruikt als er nog geen officiële (Nederlandse of Europese) grenswaarde voor de stof is vastgesteld. Een Europese of Nederlandse grenswaarde gaat dus altijd voor.

5. Hoe weet je of je veilig werkt met een kankerverwekkende stof?

Elk bedrijf is verplicht een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) uit te voeren. Daarin moet zorgvuldig worden nagegaan of, waar, wanneer en hoe er blootstelling aan kankerverwekkende stof(fen) is. Het kan gaan om specifieke stoffen die het bedrijf gebruikt in een proces of product. Maar ook om stoffen die bij processen worden gevormd, bijvoorbeeld bij verhitting of verbranding. Soms komen de stoffen ook ‘onverwacht’ vrij, zoals bijvoorbeeld bij verspanende werkzaamheden. Een zeer lage blootstelling kan al een kankerrisico zijn. De werkgever moet de risico’s zorgvuldig in beeld brengen, werknemers hierover informeren en maatregelen nemen om blootstelling te voorkomen.

Een werknemer heeft het recht om de RI&E voor zijn werkplek in te zien. Bovendien moet de werkgever veiligheidsinformatiebladen (of werkplekinstructiekaarten) beschikbaar hebben voor werknemers: daarin staan ook de risico’s van stoffen beschreven, plus de maatregelen die er voor zorgen dat je veilig met de stof kunt werken. Ga dit dus voor je eigen werkplek na. Hulp kun je vinden bij je bedrijfsarts en de arbeidshygiënist, die werken bij de arbodienst.

6. Wat zegt de Arbowet over kankerverwekkende stoffen?

In de Arbowet zijn eisen opgenomen voor het werken met kankerverwekkende en mutagene stoffen. Mutagene stoffen kunnen het erfelijk materiaal beschadigen en in combinatie met andere stoffen kunnen ze kanker veroorzaken. Voor een aantal specifieke kankerverwekkende stoffen en processen zijn bepalingen opgenomen die het gebruik geheel verbieden of soms alleen bepaalde toepassingen uitsluiten.

Aanvullende eisen voor kankerverwekkende en mutagene stoffen 

  • Voor de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) moet de werkgever de blootstelling aan gevaarlijke stoffen beoordelen. Dit wordt de ‘RI&E stoffen’ genoemd.
  • Er gelden specifieke eisen voor de toepassing van kankerverwekkende en mutagene stoffen:
  • Er zijn uitvoerige aanvullende registratie-eisen ( o.a. de reden waarom het gebruik van kankerverwekkende of mutagene stoffen of het toepassen van een kankerverwekkend proces noodzakelijk is, het aantal werknemers dat betrokken is);
  • Werknemers hebben recht op inzage in de gegevens over zichzelf;
  • Er zijn speciale eisen voor hergebruik van lucht op de werkplek;
  • Er zijn speciale eisen voor vroegtijdig informeren van werknemers;
  • Het is voor werknemers onder de 18 jaar verboden om met kankerverwekkende of mutagene stoffen te werken.
7. Wie kan ik raadplegen in mijn bedrijf over kankerverwekkende stoffen?

Als je je zorgen maakt over blootstelling aan een gevaarlijke stof op je werkplek en in het bijzonder een kankerverwekkende stof vraag dan eerst om informatie in je bedrijf. Dat kan bij je leidinggevende, de bedrijfsarts, de preventiemedewerker of arbo-coördinator. Een andere mogelijkheid is om de Ondernemingsraad te vragen om uit te zoeken of er sprake is van blootstelling aan een kankerverwekkende stof.

Als bovenstaande niet lukt  kun je contact opnemen met de vakbond.

FNV Arbotelefoon. Deze is bereikbaar op telefoonnummer 030-2738738 (maandag tot en met donderdag van 09.00 tot 13.00 uur).

CNV. Op werkdagen is CNV Info van 8.00 uur tot 18.00 uur te bereiken.
Telefoonnummer: 030 751 1001 (lokaal tarief).

8. Hoe kan ik meedoen met een Checklijst “Werkplek kankervrij” voor mijn eigen werkplek?

Met een  checklijst  “Werkplek kankervrij” willen de vakbonden van werknemers – van jou dus – horen welke maatregelen je bedrijf treft om te voorkomen dat medewerkers worden blootgesteld aan kankerverwekkende stoffen. De vakbonden willen bovendien graag weten of jij vindt dat deze maatregelen voldoende bescherming bieden.

De Ondernemingsraad (OR) of leden van de commissie Veiligheid, Gezondheid en Milieu (VGM-commissie) vullen de checklijst in. Is er geen OR of VGWM commissie dan vult een kaderlid van de bond de checklijst in. Bij voorkeur worden hierbij de werknemers betrokken, die direct met de kankerverwekkende stof werken, en op plekken werken waar de stof voorkomt.

In eerste instantie wordt de checklijst gebruikt voor die kankerverwekkende stoffen die in behandeling zijn bij de SER, subcommissie GSW. Als je met die specifieke stof werkt, wordt je daarover waarschijnlijk door de bond benaderd. Zo niet, en ben je wel op de hoogte van het feit dat de stof in behandeling, dan kun je ook direct contact met de bond opnemen.

Het is ook mogelijk dat je voor je bedrijf zelf initiatief neemt om een checklijst uit te zetten. Neem dan contact op met je vakbondsbestuurder of het vakbondsonderzoeksteam:

FNV Wim van Veelen

Email: wim.vanveelen@fnv.nl

Tel. 020-5816497 of 06-33313014

CNV Leon de Jong

Email: l.dejong@cnvvakmensen.nl

Tel: 030-7511654

Links

Bekijk alle links